Wachttijdvergelijker

Ziekenhuis

Nederlands Kanker Instituut - Antoni van Leeuwenhoek Zhs

Antoni Van Leeuwenhoek, locatie Amsterdam

Plesmanlaan, 1066CX, Amsterdam
Plan route
🔄

Long waiting time? Compare health insurance

A different insurer may offer shorter wait times or better coverage. Compare now and discover your options.

Compare insurers

Ervaringen

Laat je ervaring achter

Specialties at this location

KwaliteitsdataZorginzicht 2024

Blaascarcinoom

De gemiddelde ASA score van patiënten met blaaskanker waarbij als primaire behandeling een cystectomie is uitgevoerd.
2.0700
Hoeveel cystectomieën voor blaaskanker werden in het verslagjaar op uw ziekenhuislocatie verricht?
67
Hoeveel urologen voerden op de peildatum cystectomieën voor blaaskanker uit op uw locatie?
6
Percentage patiënten dat een cystectomie onderging als behandeling voor blaaskanker, en dat binnen 30 dagen na de ingreep complicaties ondervindt, zijnde Clavien Dindo score 3 en/of 4, waarbij de hoogste score per patiënt wordt meegenomen) Patiënten met score 5 worden niet meegenomen..
31.3%(21/67)
Percentage patiënten dat een cystectomie onderging als behandeling voor blaaskanker, en dat binnen 30 dagen na de ingreep is overleden. (Clavien Dindo score 5)
1.5%(1/67)
Worden PROMS voor blaaskanker structureel met patiënten besproken in de spreekkamer?
0.0000

Borstimplantaten

Het percentage borstprothesen en expanders , geëxplanteerd of gewisseld wordt binnen 60 dagen vanwege een of meerdere complicatie(s)*, dat voor reconstructieve doeleinden geplaatst
6.6%(32/484)
Het percentage borstprothesen en expanders waarbij de patiënt preoperatief intraveneus antibioticaprofylaxe* toegediend heeft gekregen, dat voor reconstructieve** doeleinden geplaatst is.
100.0%(471/471)
Het percentage borstprothesen en expanders, geëxplanteerd of gewisseld wordt na 60 dagen en binnen 1 jaar vanwege een of meerdere complicatie(s)*, dat voor reconstructieve** doeleinden geplaatst is (inclusief gewisselde prothesen).
0.4%(2/453)
Het percentage geregistreerde borstprothesen en expanders in de DBIR, dat voor reconstructieve** doeleinden geplaatst is.
99.4%(468/471)
Registreert uw instelling in de DBIR in het verslagjaar?
1.0000

Colorectaal Carcinoom

Aantal patiënten met een primaire, oncologische colon of rectumresectie: Colonresectie
118
Aantal patiënten met een primaire, oncologische colon of rectumresectie: Rectumresectie
57
Mediane wachttijd in dagen tussen PA en enige vorm van therapie* bij patiënten die een resectie ondergaan i.v.m. een primair coloncarcinoom na verwijzing.
38.5000
Mediane wachttijd in dagen tussen PA en enige vorm van therapie* bij patiënten die een resectie ondergaan i.v.m. een primair coloncarcinoom zonder verwijzing.
31.0000
Mediane wachttijd in dagen tussen PA en enige vorm van therapie* bij patiënten die een resectie ondergaan i.v.m. een primair rectumcarcinoom met verwijzing.
42.0000
Mediane wachttijd in dagen tussen PA en enige vorm van therapie* bij patiënten die een resectie ondergaan i.v.m. een primair rectumcarcinoom zonder verwijzing.
44.0000
Percentage patiënten dat een resectie ondergaat vanwege een pT4 coloncarcinoom, bij wie een microscopisch radicale resectie is verkregen (> 1 mm marge).
90.1%(73/81)
Percentage patiënten dat een resectie ondergaat vanwege een primair cT1 t/m 3 rectumcarcinoom met een bekende CRM, bij wie de CRM positief is
9.0%(6/67)
Percentage patiënten dat een resectie ondergaat vanwege een primair coloncarcinoom, dat een gecompliceerd beloop heeft.
15.2%(17/124)
Percentage patiënten dat een resectie ondergaat vanwege een primair rectumcarcinoom dat een gecompliceerd beloop heeft.
29.5%(13/46)
Percentage patiënten die een resectie hebben ondergaan vanwege een primair coloncarcinoom die binnen 90 dagen of tijdens de opname overlijdt.
1.0%(1/224)
Percentage patiënten die een resectie hebben ondergaan vanwege een primair rectumcarcinoom die binnen 90 dagen of tijdens de opname overlijdt.
1.4%(1/102)
Percentage patiënten, dat een lokale excisie ondergaat vanwege een primair rectumcarcinoom, bij wie een microscopisch radicale resectie is verkregen (> 1 mm marge).
60.0%(15/25)

Gynaecologische Oncologie

Aantal chirurgische behandelingen, i.v.m. een cervixcarcinoom.***
111
Aantal chirurgische behandelingen, i.v.m. een endometriumcarcinoom.
264
Aantal chirurgische behandelingen, i.v.m. een vulvacarcinoom.**
77
Aantal debulkingsoperaties, i.v.m. hoog stadium ovariumcarcinoom.*
228
Aantal unieke patiënten, dat palliatief behandeld wordt, zonder chirurgie als onderdeel van de behandeling, i.v.m. een cervixcarcinoom.***
7
Aantal unieke patiënten, dat palliatief behandeld wordt, zonder chirurgie als onderdeel van de behandeling, i.v.m. een endometriumcarcinoom.
5
Aantal unieke patiënten, dat palliatief behandeld wordt, zonder chirurgie als onderdeel van de behandeling, i.v.m. een vulvacarcinoom.
6
Mediaan aantal dagen vanaf de primaire debulking of intervaldebulking tot aan de datum van de eerste adjuvante chemotherapie bij het hoog stadium ovariumcarcinoom**.
32.5000
Percentage chirurgische behandelingen i.v.m. vulvacarcinoom (alle ingrepen***), waarbij de patiënte binnen 30 dagen na de operatie of tijdens de ziekenhuisopname* overlijdt.
0.0%(0/49)
Percentage chirurgische behandelingen i.v.m. vulvacarcinoom (alle ingrepen***), waarbij binnen 30 dagen een gecompliceerd beloop* optreedt.
2.0%(1/51)
Percentage chirurgische behandelingen i.v.m. vulvacarcinoom (alle ingrepen***), waarbij binnen 30 dagen een gecompliceerd beloop* optreedt. Casemix gecorrigeerd.
2.1%(1/51)
Percentage chirurgische behandelingen i.v.m. vulvacarcinoom (alle ingrepen***), waarbij de patiënte binnen 30 dagen na de operatie of tijdens de ziekenhuisopname* overlijdt. Casemix gecorrigeerd.
0.0%(0/51)
Percentage chirurgische behandelingen voor laag of intermediair risico endometrioid endometriumcarcinoom, waarbij er middels een minimaal invasieve techniek geopereerd is.
73.9%(17/23)
Percentage debulkingsoperaties i.v.m. hoog stadium ovariumcarcinoom**, waarbij de patiënte binnen 30 dagen na de operatie of tijdens de ziekenhuisopname* overlijdt.
1.2%(2/163)
Percentage debulkingsoperaties i.v.m. hoog stadium ovariumcarcinoom**, waarbij binnen 30 dagen een gecompliceerd beloop* optreedt.
11.7%(19/163)
Percentage debulkingsoperaties i.v.m. hoog stadium ovariumcarcinoom**, waarbij binnen 30 dagen een gecompliceerd beloop* optreedt. Casemix gecorrigeerd.
12.1%(19/163)
Percentage debulkingsoperaties i.v.m. hoog stadium ovariumcarcinoom**, waarbij de patiënte binnen 30 dagen na de operatie of tijdens de ziekenhuisopname* overlijdt. Casemix gecorrigeerd.
1.3%(2/163)
Percentage geopereerde patiënten voor ovarium-, vulva-, endometrium- en/of cervixcarcinoom, welke preoperatief deel heeft genomen aan alle PROMs vragenlijsten*.
7.6%(19/250)
Percentage geopereerde patiënten voor ovarium-, vulva-, endometrium- en/of cervixcarcinoom, welke preoperatief deel heeft genomen aan één van de PROMs vragenlijsten*.
7.6%(19/250)
Percentage interval debulkingsoperaties i.v.m. hoog stadium ovariumcarcinoom**, waarbij het resultaat compleet*** was.
72.2%(39/54)
Percentage minimaal invasieve uterusextirpaties (met of zonder bilaterale salpingo-oöphorectomie) i.v.m. endometriumcarcinoom, waarbij de patiënte binnen 30 dagen na de operatie of tijdens de ziekenhuisopname* overlijdt.
0.0%(0/24)
Percentage minimaal invasieve uterusextirpaties (met of zonder bilaterale salpingo-oöphorectomie) i.v.m. endometriumcarcinoom, waarbij binnen 30 dagen een gecompliceerd beloop* optreedt.
0.0%(0/24)
Percentage minimaal invasieve uterusextirpaties (met of zonder bilaterale salpingo-oöphorectomie) i.v.m. endometriumcarcinoom, waarbij binnen 30 dagen een gecompliceerd beloop* optreedt. Casemix gecorrigeerd.
0.0%(0/24)
Percentage minimaal invasieve uterusextirpaties (met of zonder bilaterale salpingo-oöphorectomie) i.v.m. endometriumcarcinoom, waarbij de patiënte binnen 30 dagen na de operatie of tijdens de ziekenhuisopname* overlijdt. Casemix gecorrigeerd.
0.0%(0/24)
Percentage primaire debulkingsoperaties i.v.m. hoog stadium ovariumcarcinoom**, waarbij het resultaat compleet*** was.
75.9%(22/29)
Percentage primaire debulkingsoperaties i.v.m. hoog stadium ovariumcarcinoom*.
36.3%(29/80)
Percentage radicale uterusextirpaties (Wertheim-operaties) i.v.m. cervixcarcinoom****, waarbij de patiënte binnen 30 dagen na de operatie of tijdens de ziekenhuisopname* overlijdt.
0.0%(0/32)
Percentage radicale uterusextirpaties (Wertheim-operaties) i.v.m. cervixcarcinoom****, waarbij binnen 30 dagen een gecompliceerd beloop* optreedt.
6.3%(2/32)
Percentage radicale uterusextirpaties (Wertheim-operaties) i.v.m. cervixcarcinoom****, waarbij binnen 30 dagen een gecompliceerd beloop* optreedt. Casemix gecorrigeerd.
7.1%(2/32)
Percentage radicale uterusextirpaties (Wertheim-operaties) i.v.m. cervixcarcinoom****, waarbij de patiënte binnen 30 dagen na de operatie of tijdens de ziekenhuisopname* overlijdt. Casemix gecorrigeerd.
0.0%(0/32)

Hoofd-hals chirurgie

Percentage curatief behandelde patiënten dat een resectie van een primaire hoofd-halsmaligniteit* heeft ondergaan, dat binnen 30 dagen een heroperatie ondergaat.
10.6%(7/74)
Percentage curatief behandelde patiënten dat radiotherapie ondergaat, dat de behandeling heeft afgemaakt zonder dosisreductie.
97.9%(95/97)
Percentage curatief behandelde patiënten met een hoofd-halsmaligniteit waarbij binnen 30 kalenderdagen na het eerste consult in het eigen centrum gestart is met de primaire behandeling.
69.2%(110/159)
Percentage curatief behandelde patiënten met een primaire hoofd-halsmaligniteit dat gestart is met adjuvante therapie (radiotherapie of chemoradiatie) in hetzelfde centrum binnen 6 weken na chirurgische behandeling.
40.7%(11/27)

In opzet curatieve behandeling prostaatcarcinoom

Door hoeveel urologen werden in het verslagjaar op uw ziekenhuislocatie radicale prostatectomieën uitgevoerd?
6
Het aantal patiënten dat een radicale prostatectomie onderging, waarbij binnen 30 dagen na de primaire behandeling complicaties zijn opgetreden met Clavien-Dindo score 3 en/of 4, waarbij de hoogste score per patiënt wordt meegenomen. Voor de teller wordt uitgegaan van de populatie patiënten verzameld onder de noemer. Selecteer de patiënten bij wie binnen 30 dagen na radicale prostatectomie Clavien Dindo 3 en/of 4 geregistreerd is en neem enkel de hoogste score mee. Patiënten met score 5 worden niet meegenomen, die komen in teller 2b terug.
2.5%(11/432)
Het aantal patiënten dat een radicale prostatectomie onderging, waarbij binnen 30 dagen na de primaire behandeling complicaties zijn opgetreden met Clavien-Dindo score 5. Voor de teller wordt uitgegaan van de populatie patiënten verzameld onder de noemer. Selecteer de patiënten bij wie binnen 30 dagen na radicale prostatectomie Clavien Dindo score 5 geregistreerd is (overleden).
0.0%(0/432)
Het percentage patiënten dat de PROM vragenlijst op baseline heeft ontvangen vanuit het ziekenhuis/ de zorgverlener en ingevuld retour heeft gestuurd.
80.6%(390/484)
Het percentage patiënten dat de PROMS voor prostaatkanker 12 maanden na prostatectomie/radiotherapie invult en retour stuurt aan de zorgverlener/het ziekenhuis.
74.2%(245/330)
Het percentage patiënten met cT1c-cT2a, Gleason score <7, iPSA <10 ng/mL behandeld met radiotherapie en/of radicale prostatectomie en/of systemische en of focale therapie ten opzicht van het totaal aantal patiënten met cT1c-cT2a, Gleason score <7, iPSA <10 ng/mL.
20.0%(2/10)
Hoeveel radicale prostatectomieën voor prostaatkanker werden in het verslagjaar op uw ziekenhuislocatie verricht?
432
Percentage patiënten, na radicale prostatectomie, dat 6 maanden (plus of min 1 maand) na operatie een PSA heeft dat >0.1 ng/ml is.
2.1%(9/431)
Worden PROMS voor prostaatkanker structureel met patiënten besproken in de spreekkamer?
1.0000

Leverchirurgie

Totaal aantal leveroperaties (inclusief operaties waarbij geen resectie is verricht).
91
Totaal aantal leverresecties.
85
Totaal aantal major* leverresecties.
12
Totaal aantal minor** leverresecties.
73
Totaal aantal percutane leverablaties vanwege colorectale levermetastasen geregistreerd in de DHBA.
18
Worden alle leveroperaties, die voldoen aan de in- en exclusie criteria, in de DHBA geregistreerd?
1.0000
Zijn alle patiënten die een ablatie voor een colorectale levermetastase in de DHBA-interventie radiologie geregistreerd?
1.0000

Longcarcinoom

Aantal patiënten met een niet-kleincellig longcarcinoom* dat een radicale bestralingsbehandeling ondergaat.
373
Aantal patiënten met primair niet-kleincellig longcarcinoom*, dat stereotactische radiotherapie ondergaat, dat tijdens de bestralingsbehandeling of binnen 90 dagen na start van de bestraling is overleden.
0.9%(4/468)
Het aantal anatomische parenchymresecties* in de vorm van een segmentresectie, lobectomie of pneumonectomie, dat is verricht vanwege benigne of maligne pathologie.
87
Het aantal nieuwe patiënten met een primair longcarcinoom* in de DLCA-L dat wordt geregistreerd.
33
Percentage patiënten dat binnen 30 dagen of binnen dezelfde ziekenhuisopname na resectie vanwege een longcarcinoom* is overleden.
1.5%(1/124)
Percentage patiënten waarbij een gecompliceerd beloop* na resectie vanwege een longcarcinoom** is opgetreden.
14.4%(15/124)
Percentage patiënten, met een stadium* IV, pathologisch bewezen adenocarcinoom**, niet in aanmerking komend voor curatieve behandeling, waarbij moleculaire diagnostiek is verricht.
100.0%(18/18)
Percentage patiënten, met primair niet-kleincellig longcarcinoom**, behandeld met concurrent* chemo-radiotherapie, dat tijdens de bestralingsbehandeling of binnen 90 dagen na de start van de bestraling is overleden.
2.4%(3/126)

Mammacarcinoom

Hoeveel gecertificeerde internist-oncologen werkzaam op uw ziekenhuislocatie hebben in het verslagjaar borstkankerpatiënten behandeld?
10
Hoeveel gecertificeerde oncologisch chirurgen werkzaam op uw ziekenhuislocatie hebben in het verslagjaar borstkankerpatiënten behandeld?
6
Hoeveel plastisch chirurgen op uw ziekenhuislocatie behandelen patienten met borstkanker?
7
Is er gedocumenteerde samenwerking met/ betrokkenheid bij het MDO van een afdeling klinische genetica?
1.0000
Is het uitvragen van familieanamnese, assessment van de verwijscriteria, de mogelijkheid van genetisch onderzoek en van spoed counseling en DNA-diagnostiek structureel opgenomen in het zorgpad?
1.0000
Mediane doorlooptijd in kalenderdagen tussen datum biopt waarop diagnose is gesteld** en eerste operatie berekend over alle patiënten met invasief borstkanker* zonder metastasen op afstand die als eerste behandeling een operatie hebben ondergaan met een directe reconstructie (excl. neoadjuvante systemische therapie (chemotherapie/Her2 blokkade))***.
43.0000
Mediane doorlooptijd in kalenderdagen tussen datum biopt waarop diagnose is gesteld** en eerste operatie berekend over alle patiënten met invasief borstkanker* zonder metastasen op afstand die als eerste behandeling een operatie hebben ondergaan (excl. neoadjuvante systemische behandeling (chemotherapie/Her2 blokkade) en excl. directe reconstructie)***.
38.0000
Mediane doorlooptijd in kalenderdagen tussen datum biopt waarop diagnose is gesteld** en start neoadjuvante systemische therapie (chemotherapie/Her2 blokkade) berekend over alle patiënten met invasief borstkanker* zonder metastasen op afstand die gestart zijn met neoadjuvante systemische therapie (chemotherapie/Her2 blokkade)***.
21.0000
Mediane doorlooptijd van in kalenderdagen tussen datum biopt waarop diagnose is gesteld** en start primaire behandeling (neoadjuvant systemische therapie (chemotherapie/Her2 blokkade) of operatief) berekend over alle patiënten met invasief borstkanker* zonder metastasen op afstand in de NBCA (b+c+d)***.
29.0000
Percentage patiënten dat heeft deelgenomen aan de Patient Reported Outcome Measures (PROM) vragenlijst.
15.0%(102/682)
Percentage patiënten met een directe reconstructie met autoloog weefsel na een ablatio voor DCIS, waarbij de reconstructie is uitgevoerd door een plastisch chirurg.
0.0%(0/30)
Percentage patiënten met een directe reconstructie met autoloog weefsel na een ablatio voor invasief borstkanker*, zonder metastasen op afstand, waarbij de reconstructie is uitgevoerd door een plastisch chirurg.
4.1%(8/195)
Percentage patiënten met een directe reconstructie met een combinatie van prothese en autoloog weefsel na een ablatio voor DCIS, waarbij de reconstructie is uitgevoerd door een plastisch chirurg.
0.0%(0/30)
Percentage patiënten met een directe reconstructie met een combinatie van prothese en autoloog weefsel na een ablatio voor invasief borstkanker* zonder metastasen op afstand, waarbij de reconstructie is uitgevoerd door een plastisch chirurg.
2.6%(5/195)
Percentage patiënten met een directe reconstructie met prothese na een ablatio voor DCIS, waarbij de reconstructie is uitgevoerd door een plastisch chirurg.
86.7%(26/30)
Percentage patiënten met een directe reconstructie met prothese na een ablatio voor invasief borstkanker* zonder metastasen op afstand, waarbij de reconstructie is uitgevoerd door een plastisch chirurg.
61.0%(119/195)
Percentage patiënten met een directe reconstructie na aan ablatio voor DCIS, waarbij de reconstructie is uitgevoerd door een plastisch chirurg (b+c+d+e).
86.7%(26/30)
Percentage patiënten met een directe reconstructie na een ablatio voor invasief borstkanker* zonder metastasen op afstand, waarbij de reconstructie is uitgevoerd door een plastisch chirurg (b+c+d+e).
67.7%(132/195)
Percentage patiënten met een directe reconstructie na een ablatio voor DICS, zonder metastasen op afstand, waarbij het type reconstructie onbekend is.
0.0%(0/30)
Percentage patiënten met een directe reconstructie na een ablatio voor invasief borstkanker* zonder metastasen op afstand, waarbij het type reconstructie onbekend is.
0.0%(0/195)
Percentage patiënten met neoadjuvante systemische therapie (chemotherapie/Her2 blokkade) dat binnen 28 dagen na start van deze behandeling gezien wordt door de radiotherapeut.
4.5%(9/201)
Percentage patiënten onder de 70 jaar met een cT2/3/4 any N M0 triple negatief of Her2/Neu positieve invasief borstkanker zonder metastasen op afstand dat neoadjuvant systemische therapie (chemotherapie/Her2 blokkade) ontvangt.
96.7%(88/91)
Wat is het totaal aantal nieuw gediagnosticeerde patiënten met invasief borstkanker of DCIS dat op uw ziekenhuislocatie operatief is behandeld in het geldende NBCA jaar?
620

Melanoom

Aantal irresectabel III/IV patiënten onder behandeling bij een melanoomcentrum**.
930
Aantal nieuwe irresectabel III/IV patiënten per melanoomcentrum*.
134
Aantal nieuwe resectabele stadium III/IV patiënten dat in aanmerking komt voor (neo)adjuvante therapie per melanoomcentrum***.
93
Percentage geïncludeerde patiënten in de klinische registratie van de DMTR dat binnen 6 maanden na start therapie heeft deelgenomen aan de PROMs vragenlijsten. PROMs gemeten met de EQ-5D-5L en FACT-M en de (FACT-G of EORTC QLQ-C30).
54.2%(109/201)
Percentage geïncludeerde patiënten in de klinische registratie van de DMTR dat binnen 6 maanden na start therapie heeft deelgenomen aan de PROMs vragenlijsten. PROMs gemeten met de EQ-5D-5L of de FACT-M of de (FACT-G of EORTC QLQ-C30).
55.9%(113/202)

Oncologie - SONCOS

Als een azoöspermie blijkt, wordt er dan aan de patiënt een radicale orchiectomie en simultane oncoTESE ter fertiliteitpreservatie aangeboden in een centrum dat TESE verzorgt?
1.0000
Bij hoeveel patiënten vond er een schildklieroperatie plaats voor primair schildkliercarcinoom in het verslagjaar?
24
Heeft u een radiotherapieafdeling waar uw patiënten met een hoofd-hals tumor bij wie bestraling geïndiceerd is, behandeld worden?
1.0000
Heeft uw ziekenhuis met de behandeling van patiënten met kanker toegang tot een rookstoppoli?
1.0000
Hoeveel HIPEC behandelingen werden er voor colorectale tumoren in het verslagjaar verricht op uw ziekenhuislocatie?
57
Hoeveel HIPEC-behandelingen voor de indicatie ovariumcarcinoom werden er in het verslagjaar op uw ziekenhuislocatie verricht?
26
Hoeveel I-131 behandelingen bij patiënten met schildkliercarcinoom werden er gegeven in het verslagjaar?
17
Hoeveel colonresecties werden op uw ziekenhuislocatie verricht in het verslagjaar?
234
Hoeveel fte gynaecoloog-oncologen werken er in uw ziekenhuis?
6.1000
Hoeveel hersentumor gerelateerde operaties voerde het in uw multidisciplinaire bespreking participerende neurochirurgisch centrum uit in het verslagjaar?
501
Hoeveel nieuw met longcarcinoom gediagnosticeerde patiënten werden er in het verslagjaar in uw ziekenhuis behandeld?
516
Hoeveel nieuwe patiënten met een glioom werden er in het verslagjaar in het (regionale) multidisciplinaire overleg besproken?
75
Hoeveel nieuwe patiënten met niercelcarcinoom werden er in totaal op uw ziekenhuislocatie gediagnosticeerd of behandeld in het verslagjaar?
242
Hoeveel nieuwe patiënten met onderstaande diagnosen (zie in-exclusiecriteria) werden in uw ziekenhuis/instituut behandeld in het verslagjaar?
365
Hoeveel nieuwe patiënten met peniscarcinoom van een hoog-stadium tumor (>T1aG1) worden er in uw ziekenhuislocatie chirurgisch behandeld?
107
Hoeveel nieuwe patiënten met stadium I testiscarcinoom werden er in totaal op uw ziekenhuislocatie behandeld in het verslagjaar?
62
Hoeveel nieuwe patiënten met testiscarcinoom hoger dan stadium I (primair danwel recidief) werden er op uw ziekenhuislocatie behandeld in het verslagjaar?
34
Hoeveel nieuwe patiënten werden primair chirurgisch behandeld voor weke delen tumoren op uw ziekenhuislocatie in het verslagjaar?
196
Hoeveel operaties voor (bij)schildklierafwijkingen vonden er op uw ziekenhuislocatie plaats in het verslagjaar?
35
Hoeveel operaties voor bijniertumoren (zowel benigne als maligne) werden er op uw ziekenhuislocatie in het verslagjaar verricht?
32
Hoeveel operatieve oncologische ingrepen* aan de nier werden er op uw ziekenhuislocatie verricht in het verslagjaar?
140
Hoeveel partiële nefrectomieen werden er op uw ziekenhuislocatie verricht in het verslagjaar?
27
Hoeveel patiënten met een gemetastaseerd melanoom worden systemisch behandeld, zowel palliatief als adjuvant?
921
Hoeveel patiënten met een hoofdhals tumor werden in het verslagjaar behandeld met chemoradiotherapie of targeted-therapy radiotherapie?
25
Hoeveel patiënten met niercelcarcinoom werden er op uw ziekenhuislocatie systemisch behandeld in het verslagjaar?
214
Hoeveel patiënten met niertumoren werden er in een gestructureerd MDO besproken in het verslagjaar?
300
Hoeveel patiënten* heeft uw instelling met immunotherapie met immuun-checkpoint inhibitors behandeld in het verslagjaar?
1499
Hoeveel rectumresecties werden op uw ziekenhuislocatie verricht in het verslagjaar?
148
Hoeveel resecties van secundaire levertumoren werden er op uw ziekenhuislocatie verricht in het verslagjaar?
91
Hoeveel retroperitoneale restlaesies werden er op uw ziekenhuislocatie verricht in het verslagjaar?
24
Hoeveel uitgebreide ablatieve resecties met reconstructies werden in het verslagjaar in uw ziekenhuis uitgevoerd bij patiënten met een hoofd-hals tumor?
52
Indien ja bij 9d: Hoeveel patiënten met PA bewezen GIST en/of weke delen tumoren (= intermediaire tumoren en sarcomen) werden besproken in het sarcomen MDO van uw sarcomenreferentiecentrum in het verslagjaar?
586
Indien ja, hoeveel nieuwe patiënten met een neuro-endocriene tumor* werden er in het verslagjaar in uw referentiecentrum gezien?
159
Is er 24 uur per etmaal, 7 dagen per week beschikking over interventieradiologie, bekwaam in het uitvoeren van interventies bij patiënten met complicaties van grote gastro-intestinale en oncologische ingrepen?
1.0000
Is er in uw ziekenhuis voor iedere patiënt tenminste een vast aanspreekpunt c.q. casemanager* in de keten?
1.0000
Is uw instelling een referentiecentrum voor neuro- endocriene tumoren?
1.0000
Is uw instelling een referentiecentrum voor weke delen tumoren (=intermediaire tumoren en sarcomen)?
1.0000
Krijgen alle patiënten met een oncologische aandoening in uw ziekenhuis standaard psychosociale zorg aangeboden?
1.0000
Maakt het ziekenhuis deel uit van een netwerktumorwerkgroep niercelcarcinoomen wat verbonden is met de landelijke tumorwerkgroep niercelcarcinoom?
1.0000
Neemt u deel aan de landelijke kwaliteitsregistratie voor hoofd-hals tumoren (DHNA)?
1.0000
Neemt uw zorginstelling deel aan de landelijke patiëntenregistratie DBTR (Dutch Brain Tumor Registry)?
1.0000
Welk percentage van de verpleegkundigen op de dagbehandeling* waar oncologische systeemtherapie worden toegediend, heeft de aantekening oncologie of volgt hiervoor de opleiding?
100.0%
Welk percentage van de verpleegkundigen op de klinische afdeling* interne geneeskunde waar oncologiepatiënten worden verpleegd, heeft de aantekening oncologie of volgt hiervoor de opleiding?
75.0%
Welke behandelingen voor longcarcinoom vinden er in uw ziekenhuis plaats? Longresecties
1.0000
Welke behandelingen voor longcarcinoom vinden er in uw ziekenhuis plaats? Radiotherapie
1.0000
Welke behandelingen voor longcarcinoom vinden er in uw ziekenhuis plaats? Systemische therapie
1.0000
Worden alle patiënten met een gemetastaseerd niercelcarcinoom van uw ziekenhuislocatie in het netwerk MDO besproken*?
1.0000
Worden alle patiënten met melanomen met een gynaecologische origine besproken in het gynaecologisch oncologisch MDO en het melanoom MDO?
1.0000
Worden alle patiënten met sarcomen met een gynaecologische origine besproken in het gynaecologisch oncologisch MDO en het sarcomen MDO?
1.0000
Worden alle patiënten met sarcomen met een gynaecologische origine vanuit uw ziekenhuislocatie verwezen naar het gynaecologisch oncologisch centrum?
1.0000
Wordt iedere patiënt met een recidief ovariumcarcinoom besproken met een internist-oncoloog uit een in Nederland erkend gynaecologisch oncologisch centrum?
1.0000
Zijn alle patiënten met een gynaecologische maligniteit in uw ziekenhuis, die voldoen aan de inclusie criteria van de DGOA, ingevoerd?
1.0000

Slokdarm- en maagcarcinoom

Aantal patiënten dat een operatie ondergaat vanwege een slokdarm- of maagcarcinoom. Maagcarcinoom: Aantal curatieve resecties, zoals bepaald aan het einde van de operatie.
15
Aantal patiënten dat een operatie ondergaat vanwege een slokdarm- of maagcarcinoom. Slokdarmcarcinoom: Aantal curatieve slokdarmresecties, zoals bepaald aan het einde van de operatie.
33
Het ziekenhuis neemt deel aan de verzameling van Patient Reported Outcome Measures (PROMs) in de klinische registratie van de DUCA.
1.0000
Mediane doorlooptijd bij patiënten die een operatie ondergaan vanwege een primair maagcarcinoom, verwezen vanuit een ander ziekenhuis.
48.0000
Mediane doorlooptijd bij patiënten die een operatie ondergaan vanwege een primair slokdarmcarcinoom, niet verwezen vanuit een ander ziekenhuis.
34.5000
Mediane doorlooptijd bij patiënten die een operatie ondergaan vanwege een primair slokdarmcarcinoom, verwezen vanuit een ander ziekenhuis.
35.0000
Percentage patienten dat een curatieve resectie ondergaat vanwege een primair maagcarcinoom, waarbij er sprake is van een gecompliceerd beloop (ongecorrigeerd).
8.1%(3/37)
Percentage patienten dat een curatieve resectie ondergaat vanwege een primair maagcarcinoom, waarbij er sprake is van een gecompliceerd beloop. (casemix gecorrigeerd)
8.6%(3/37)
Percentage patienten dat een curatieve resectie ondergaat vanwege een primair slokdarmcarcinoom, waarbij er sprake is van een gecompliceerd beloop (casemix gecorrigeerd)
33.3%(20/62)
Percentage patiënten dat een curatieve resectie ondergaat vanwege een primair maagcarcinoom, bij wie ≥ 15 lymfeklieren in het resectiepreparaat zijn beoordeeld.
100.0%(15/15)
Percentage patiënten dat een curatieve resectie ondergaat vanwege een primair maagcarcinoom, dat binnen 30 dagen na de operatie en/of tijdens de ziekenhuis opname overlijdt. ( ongecorrigeerd).
0.0%(0/37)
Percentage patiënten dat een curatieve resectie ondergaat vanwege een primair maagcarcinoom, dat binnen 30 dagen na de operatie en/of tijdens de ziekenhuis opname overlijdt. (casemix gecorrigeerd)
0.0%(0/37)
Percentage patiënten dat een curatieve resectie ondergaat vanwege een primair slokdarmcarcinoom, bij wie ≥ 15 lymfeklieren in het resectiepreparaat zijn beoordeeld.
100.0%(30/30)
Percentage patiënten dat een curatieve resectie ondergaat vanwege een primair slokdarmcarcinoom, dat binnen 30 dagen na de operatie en/of tijdens de ziekenhuis opname overlijdt. (casemix gecorrigeerd)
0.0%(0/62)
Percentage patiënten dat een curatieve resectie ondergaat vanwege een primair slokdarmcarcinoom, dat binnen 30 dagen na de operatie en/of tijdens de ziekenhuis opname overlijdt.(ongecorrigeerd)
0.0%(0/62)
Percentage patiënten dat een curatieve resectie ondergaat vanwege een primair slokdarmcarcinoom, waarbij er sprake is van een gecompliceerd beloop (ongecorrigeerd)
32.3%(20/62)
Percentage patiënten dat een curatieve resectie** ondergaat vanwege een primair maagcarcinoom, waarbij de snijranden vrij zijn van tumorcellen (R0 resectie*).
85.7%(12/14)
Percentage patiënten dat een curatieve resectie** ondergaat vanwege een primair maagcarcinoom.
100.0%(15/15)
Percentage patiënten dat een curatieve resectie** ondergaat vanwege een primair slokdarmcarcinoom, waarbij de snijranden vrij zijn van tumorcellen (R0 resectie*).
93.3%(28/30)
Percentage patiënten dat een curatieve resectie** ondergaat vanwege een primair slokdarmcarcinoom.
96.7%(29/30)
Percentage patiënten dat een in-opzet-curatieve resectie ondergaat vanwege een maagcarcinoom, waarbij sprake is van een textbook outcome. (casemix gecorrigeerd)
59.7%(26/40)
Percentage patiënten dat een in-opzet-curatieve resectie ondergaat vanwege een maagcarcinoom, waarbij sprake is van een textbook outcome. (ongecorrigeerd)
65.0%(26/40)
Percentage patiënten dat een in-opzet-curatieve resectie ondergaat vanwege een slokdarmcarcinoom, waarbij sprake is van een textbook outcome. (casemix gecorrigeerd)
46.9%(33/69)
Percentage patiënten dat een in-opzet-curatieve resectie ondergaat vanwege een slokdarmcarcinoom, waarbij sprake is van een textbook outcome. (ongecorrigeerd)
47.8%(33/69)

Bron: Zorginzicht.nl — Zorginstituut Nederland